Toelichting op de balans per 31 december 2022
Activa
1. DAEB- en niet-DAEB-vastgoed in exploitatie
x € 1.000
| DAEB- en niet-DAEB-vastgoed in exploitatie | ||
| DAEB | Niet-DAEB | |
| Stand per 1 januari 2022: | ||
| Aanschafprijs | 785.080 | 10.687 |
| Cumulatieve waardeveranderingen | 375.814 | -379 |
| Marktwaarde | 1.160.894 | 10.308 |
| Mutaties in het boekjaar | ||
| Investeringen: | ||
| Aankopen in vastgoed in exploitatie (initiële verkrijgingsprijs) | 354 | 0 |
| Investeringen in vastgoed in exploitatie (uitgaven na eerste waardering) | 10.254 | 0 |
| Overboeking van vastgoed in ontwikkeling bestemd voor eigen exploitatie | 2.659 | 0 |
| Buitengebruikstellingen en afstotingen | -321 | -913 |
| Herclassificaties: | ||
| Overboeking naar vastgoed in ontwikkeling bestemd voor eigen exploitatie | -913 | 0 |
| Overboekingen van onroerende en roerende zaken ten dienste van de exploitatie | 0 | 328 |
| Waardeveranderingen: | ||
| Waardeveranderingen (winsten of verliezen als gevolg van aanpassingen van de marktwaarde) | 41.194 | 256 |
| Waardeveranderingen onrendabele investeringen en herstructureringen | -11.341 | 0 |
| Overboeking van vastgoed in ontwikkeling | -816 | 0 |
| Verkopen | -415 | -77 |
| Saldo | 40.655 | -406 |
| Stand per 31 december 2022: | ||
| Aanschafprijs | 797.635 | 10.102 |
| Cumulatieve waardeveranderingen | 403.914 | -200 |
| Opgenomen in voorziening onrendabele investeringen en herstructureringen | 9.048 | 0 |
| Marktwaarde onder aftrek van voorziening | 1.210.597 | 9.902 |
Toelichting bij toepassing basis versie en full versie
De actuele waarde van het DAEB- en niet-DAEB-vastgoed in exploitatie is gebaseerd op de marktwaarde zoals opgenomen in bijlage 2 van de Regeling toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015 (‘Handboek modelmatig waarderen marktwaarde’).
Basis versie
We gebruiken de basis versie van het Handboek voor eengezinswoningen, meergezinswoningen en parkeergelegenheden. Dit bedraagt € 946 miljoen. In het Handboek is opgenomen dat de basisversie de mogelijkheid biedt om op portefeuilleniveau tot een aannemelijke marktwaarde te komen.
De gehanteerde basis versie is een geheel modelmatige waardering waarbij er voor de waardering overeenkomstig de bepaling van het ‘Handboek modelmatig waarderen marktwaarde’ geen betrokkenheid van de taxateur aan de orde is.
De methoden, relevante veronderstellingen en disconteringsvoet die gehanteerd zijn voor woongelegenheden (eengezinswoningen en meergezinswoningen) en parkeergelegenheden zijn bepaald in het ‘Handboek modelmatig waarderen marktwaarde’ en kunnen bij toepassing van de basis versie niet worden gewijzigd.
Full versie
We gebruiken de full versie van het Handboek voor extramurale zorgeenheden, intramurale zorgeenheden, studenteneenheden, bedrijfs onroerend goed en maatschappelijk onroerend goed, de marktwaarde hiervan bedraagt € 274 miljoen. In het Handboek is opgenomen dat de full versie de mogelijkheid biedt om op complexniveau, met ondersteuning van een externe taxateur tot een aannemelijke marktwaarde te komen.
Voor de gehanteerde full versie is een externe taxateur ingeschakeld bij de waardering van het vastgoed in exploitatie. In 2022 is 100% van het vastgoed getaxeerd. De komende twee jaren (2023 en 2024) zal een taxatie-update op deze waardering plaats vinden.
De methoden, relevante veronderstellingen en disconteringsvoet die gehanteerd zijn voor bedrijfsmatig en maatschappelijk onroerend goed, studenteneenheden en intramuraal en extramuraal vastgoed zijn bepaald in het ‘Handboek modelmatig waarderen marktwaarde’. De full versie maakt gebruik van vrijheidsgraden. Dit betekent dat voor de waardering van vastgoed in exploitatie kan worden afgeweken van de veronderstellingen en disconteringsvoet zoals opgenomen in de basisversie. De belangrijkste veronderstellingen en disconteringsvoet worden hieronder per categorie vastgoed in exploitatie nader toegelicht.
Toelichting rekenmodel
Overeenkomstig het “Handboek modelmatig waarderen marktwaarde” vindt waardering op waarderingscomplexniveau plaats. Elk waarderingscomplex bestaat uit vergelijkbare verhuureenheden voor wat betreft type eenheid, bouwjaar en locatie. Daarnaast is het gehele waarderingscomplex als eenheid aan een derde partij te verkopen. Alle verhuureenheden van Domesta maken deel uit van een waarderingscomplex.
Alle verhuureenheden van Domesta maken deel uit van een waarderingscomplex. De Marktwaarde in verhuurde staat wordt berekend in het rekenmodel TMS van Ortec Finance en is voorzien van een goedkeurend assurancerapport.
Toelichting parameters marktwaarde
Op basis van artikel 31 BTIV wordt er onderscheid gemaakt tussen verschillende categorieën vastgoed. Bij alle categorieën wordt de DCF (Discounted Cash Flow)-methode gehanteerd. De volgende disconteringsvoeten zijn gemiddeld gehanteerd voor iedere categorie:
| Disconteringsvoet | Exit yield DE | Exit yield UP | Mutatiegraad | Leegwaarde (VHE) | Markthuur (VHE p/m) | |
| Woongelegenheden | 6,29% | 5,90% | 6,39% | 8,03% | 150.391 | 809,36 |
| Bedrijfsmatig en maatschappelijk onroerend goed | 9,01% | 10,97% | nvt | nvt | 158.682 | 1.510,54 |
| Parkeergelegenheden | 7,85% | 28,95% | 11,02% | 8,07% | 11.452 | 40,62 |
| Intramuraal zorgvastgoed | 7,13% | 8,33% | nvt | nvt | 111.580 | 845,86 |
De disconteringsvoet is door de taxateur ingeschat op basis van risico's die voor de complexen en locaties van toepassing zijn zoals bouwjaar, uitstraling en locatie.
De markthuur is door de taxateur ingeschat, gebaseerd op de huurprijs per m per jaar die wordt betaald voor vergelijkbaar vastgoed in ons werkgebied.
De leegwaarde bepaalde de taxateur als een resultante van het verhuurbaar vloeroppervlak, de markthuur en de disconteringsvoet, teruggerekend naar kosten koper.
Contractuele verplichtingen
Er is geen sprake van contractuele verplichtingen.
Woningen bestemd voor de verkoop
Het aantal woningen behorend tot het DAEB- en niet-DAEB-vastgoed in exploitatie, welke zijn geclassificeerd voor de verkoop bedraagt 810. Het aantal woningen dat naar verwachting komend jaar verkocht zal worden, bedraagt 6 gesplitst in 6 DAEB- en 0 niet-DAEB-woningen. De verwachte opbrengstwaarde van deze woningen bedraagt € 1.284.000; de boekwaarde van deze woningen bedraagt € 904.000.
Achterstallig onderhoud
We beschouwen asbest veilig maken van ons bezit als achterstallig onderhoud. Dit is in overeenstemming met het Handboek modelmatig waarderen marktwaarde. Deze kosten worden meegenomen bij het waarderen van het bezit. De kosten voor het achterstallig onderhoud zijn € 3,7 miljoen en zijn verdeeld over 68 complexen.
Hypothecaire zekerheden
Het DAEB-vastgoed in exploitatie is (nagenoeg) geheel gefinancierd met leningen onder borging van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Het niet-DAEB-vastgoed in exploitatie is voor € 0 gefinancierd met leningen onder borging van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Het Waarborgfonds Sociale Woningbouw heeft hierbij het recht van eerste hypotheek. Voor deze borgstelling wordt door het Waarborgfonds Sociale Woningbouw een obligo per lening gevraagd. Als gevolg hiervan zijn de onroerende en roerende zaken in exploitatie die met geborgde leningen zijn gefinancierd niet met hypothecaire zekerheden bezwaard. De ultimo boekjaar bestaande obligoverplichting is toelicht in de paragraaf 'Obligoverplichting Waarborgfonds sociale Woningbouw' onder Niet in de de balans opgenomen activa en verplichtingen.
Beleidswaarde
Per 31 december 2022 is in totaal € 423 miljoen aan ongerealiseerde herwaarderingen in de overige reserves begrepen (2021: € 351 miljoen) uit hoofde van de waardering van het vastgoed in exploitatie tegen marktwaarde in verhuurde staat. De waardering van dit vastgoed is in overeenstemming met het Handboek modelmatig waarderen bepaald en is daarmee conform de in de Woningwet voorgeschreven waarderingsgrondslag en daaruit afgeleide ministeriële besluiten geldend ten tijde van het opmaken van de jaarverslaggeving.
De realisatie van deze ongerealiseerde herwaardering is sterk afhankelijk van het te voeren beleid van Domesta. De mogelijkheden voor de corporatie om vrijelijk door (complexgewijze) verkoop of huurstijgingen de marktwaarde in verhuurde staat van het DAEB-bezit in exploitatie te realiseren, zijn beperkt door wettelijke maatregelen en maatschappelijke ontwikkelingen zoals demografie en ontwikkeling van de behoefte aan sociale (DAEB) huurhuizen. Omdat de doelstelling van de corporatie is om duurzaam te voorzien in passende huisvesting voor hen die daar niet zelf in kunnen voorzien, zal van het vastgoed in exploitatie slechts een beperkt deel vervreemd worden.
Daarnaast zal bij mutatie van het huis slechts in uitzonderingssituaties de huur worden verhoogd tot de markthuur en zijn de werkelijke onderhouds- en beheerslasten hoger dan ingerekend in de marktwaarde, voortvloeiend uit de beoogde kwaliteit- en beheersituatie van de corporatie. Dit betekent dat slechts een deel van de in de jaarrekening verantwoorde marktwaarde (en daarmee van het eigen vermogen) in de toekomst zal worden gerealiseerd.
Het bestuur van Domesta heeft een inschatting gemaakt van het gedeelte van het eigen vermogen dat bij ongewijzigd beleid niet of eerst op zeer lange termijn realiseerbaar is. Deze schatting ligt in lijn met het verschil tussen de beleidswaarde van het DAEB bezit in exploitatie en de marktwaarde in verhuurde staat van dit bezit en bedraagt circa € 404 miljoen. Het verschil tussen de marktwaarde en de beleidswaarde ultimo 2022 bestaat uit de volgende onderdelen:
Uitgangspunten beleidswaarde (gemiddelde per woning teruggerekend in €)
| 2022 | 2021 | |
| Beleidshuur per maand | 563 | 575 |
| Onderhoudsnorm | 2.253 | 2.109 |
| Beheerlasten | 859 | 725 |
| Disconteringsvoet | 6,20% | 6,48% |
Specificatie beleidswaarde (x € 1.000)
| 2022 | 2021 | |
| Marktwaarde in verhuurde staat | 1.220.499 | 1.171.202 |
| Beschikbaarheid (doorexploiteren) | 159.440 | 6.680 |
| Betaalbaarheid (huren) | -407.834 | -308.093 |
| Kwaliteit (onderhoud) | -132.372 | -177.969 |
| Beheer (beheerkosten) | -23.240 | -19.955 |
| Beleidswaarde | 816.493 | 671.865 |
Sensitiviteitsanalyse (x € 1.000)
| Scenario | Mutatie t.o.v. uitgangspunt | Effect op de beleidswaarde | Effect |
| 1. Disconteringsvoet | 1% hoger | € 107 miljoen | lager |
| 2. Streefhuur per maand | € 25 hoger | € 39 miljoen | hoger |
| 3. Lasten onderhoud per jaar | € 100 hoger | € 26 miljoen | lager |
| 4. Lasten beheer per jaar | € 100 hoger | € 26 miljoen | lager |
2. Onroerende zaken verkocht onder voorwaarden
| Onroerende zaken verkocht onder voorwaarden | |
| Stand per 1 januari 2022 | |
| Contractprijs (verkochte woningen) | 3.759 |
| Cumulatieve waardeveranderingen | 2.443 |
| Boekwaarde per 1 januari 2022 | 6.202 |
| Mutaties in het boekjaar | |
| Desinvesteringen | -203 |
| Waardeveranderingen | 522 |
| Saldo | 319 |
| Stand per 31 december 2022 | |
| Contractprijs (verkochte woningen) | 3.556 |
| Cumulatieve waardeveranderingen | 2.965 |
| Boekwaarde per 31 december 2022 | 6.521 |
Het aantal huizen verkocht onder voorwaarden bedraagt ultimo 2022: 31 (2021: 32). In 2022 is een verplichting afgekocht.
3. Vastgoed in ontwikkeling bestemd voor eigen exploitatie
x € 1.000
| Vastgoed in ontwikkeling bestemd voor eigen exploitatie | |
| Stand per 1 januari 2022 | |
| Aanschafprijs | 6.551 |
| Cumulatieve waardeveranderingen | -4.408 |
| Boekwaarde onder aftrek van voorziening | 2.143 |
| Opgenomen in voorziening onrendabele investeringen en herstructureringen | -1.136 |
| Boekwaarde voor aftrek van voorziening | 3.279 |
| Mutaties in het boekjaar | |
| Investeringen | 132 |
| Waardeveranderingen | -1.946 |
| Overboeking naar DAEB- vastgoed in exploitatie | |
| Investeringen | -2.659 |
| Waardeveranderingen | 816 |
| Saldo mutaties | -3.657 |
| Stand per 31 december 2022 | |
| Aanschafprijs | 4.024 |
| Cumulatieve waardeveranderingen | -5.538 |
| Boekwaarde onder aftrek van voorziening | -1.514 |
| Opgenomen in voorziening onrendabele investeringen en herstructureringen | 2.881 |
| Boekwaarde voor aftrek van voorziening | 1.367 |
4. Onroerende en roerende zaken ten dienste van de exploitatie
x € 1.000
| Onroerende en roerende zaken ten dienste van de exploitatie | |||
| Bedrijfsgebouwen | Overige roerende zaken | Totaal | |
| Stand per 1 januari 2022 | |||
| Verkrijgingsprijs | 9.105 | 8.085 | 17.190 |
| Cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen | -3.435 | -5.322 | -8.757 |
| Boekwaarde | 5.670 | 2.763 | 8.433 |
| Mutaties in het boekjaar | |||
| Investeringen | 0 | 111 | 111 |
| Desinvesteringen | -332 | 0 | -332 |
| Afschrijvingen desinvesteringen | 0 | 0 | 0 |
| Afschrijvingen | -193 | -633 | -826 |
| Totaal mutaties | -525 | -522 | -1.047 |
| Stand per 31 december 2022 | |||
| Verkrijgingsprijs | 8.773 | 8.196 | 16.969 |
| Cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen | -3.628 | -5.955 | -9.583 |
| Boekwaarde | 5.145 | 2.241 | 7.386 |
In de post onroerende en roerende zaken ten dienste van de exploitatie zijn alle posten van de exploitatie begrepen welke juridisch en economisch in vrije eigendom van Domesta zijn.
Financiële vaste activa
5. Latente belastingvorderingen
x € 1.000
| Latente belastingvorderingen | ||
| 2022 | 2021 | |
| Afschrijvingspotentieel | 7.452 | 9.145 |
| 7.452 | 9.145 |
Verloopoverzicht
x € 1.000
| Verloopoverzicht afschrijvingspotentieel | |
| Stand per 1/1 | 9.145 |
| Toevoeging | |
| Onttrekking | -118 |
| Wijziging parameters rekenmethodiek | -1.574 |
| Stand per 31/12 | 7.452 |
De op contante waarde van de gewaardeerde latentie afschrijvingspotentieel is berekend tegen 1,76% en heeft een looptijd van 10 jaar. De nominale waarde van deze latenties bedraagt € 31,4 miljoen. De post heeft betrekking op het fiscaal afschrijvingspotentieel.
Domesta kan als gevolg van de beperking van de renteaftrek (ATAD) sinds 2019 een deel van de rentelasten niet fiscaal in mindering brengen op de winst. In totaal is hierdoor voor € 7,7 miljoen (belastinglast € 1,924 miljoen) aan rentelasten fiscaal niet verrekend. Over 2022 heeft Domesta voor een bedrag van € 3,1 miljoen (last: € 775.000) niet kunnen verrekenen. Domesta voorziet geen mogelijkheid tot verrekening en waardeert dit verschil om die reden niet in de jaarrekening. Overigens is het saldo van de niet aftrekbare rente oneindig voorwaarts verrekenbaar.
Domesta voert in duurzaamheid haar beleid als toegelaten instelling uit, gericht op het beheren en verhuren van woningen en daarmee het in stand houden van (de omvang van) haar vastgoedportefeuille. Domesta heeft aan het einde van de levensduur de intentie tot sloop, gevolgd door (vervangende) nieuwbouw. Op basis van de huidige fiscale bepalingen (VSO2) zal daarbij sprake zijn van het doorschuiven van de aanwezige fiscale boekwaarde en zal er geen fiscale afwikkeling volgen in de vorm van fiscaal afwaarderen van de complexen. Het bijbehorende verschil tussen de fiscale waardering van het vastgoed en commerciële waardering bedraagt circa € 186 miljoen. Dit betekent dat het einde van de levensduur ‘doorrolt’ en bij waardering tegen contante waarde sprake is van een ‘nihil’ waardering.
Het tijdelijke verschil inzake het vastgoed in exploitatie waarvan wordt verwacht dat het verkocht wordt vanuit de balansposten DAEB- en niet-DAEB-vastgoed in exploitatie, dan wel vanuit de balanspost Vastgoed bestemd voor de verkoop, bedraagt € 458.000. Dit betreft de woningen in de verkoopvijver die naar verwachting worden verkocht met een hogere/lagere fiscale waarde (€ 3,2 miljoen) dan de commerciële waarde (€ 2,7 miljoen). Domesta heeft de intentie om gebruik te maken van de fiscale faciliteit van de herinvesteringsreserve en leidt een verkoop niet tot directe afwikkeling. Dit betekent dat het einde van de levensduur ‘doorrolt’ en bij waardering tegen contante waarde sprake is van een ‘nihil’waardering.
In de jaarrekening 2022 is een fiscaal resultaat van € 13,8 miljoen berekend. Domesta heeft geen compensabele verliezen meer.
6. Lening u/g
x € 1.000
| 2022 | 2021 | |
| Leningen u/g | ||
| Stand per 1 januari | 487 | 576 |
| Aflossingen | -64 | -89 |
| Stand per 31 december | 423 | 487 |
De post overige vorderingen bestaat uit uitgestelde betalingen op verkochte huizen en verstrekte startersleningen. Naar verwachting heeft het gehele bedrag een looptijd langer dan 1 jaar.
Vlottende activa
7. Voorraden
x € 1.000
| 2022 | 2021 | |
| Overige voorraden | ||
| Voorraad klein materiaal | 75 | 55 |
| Grond- en ontwikkelposities | 293 | 287 |
| 368 | 342 |
Grond- en ontwikkelposities betreft de grondlocatie ten behoeve van (toekomstige) ontwikkelingsprojecten die nog niet in realisatie zijn genomen. Deze gronden zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs dan wel de lagere opbrengstwaarde. De opbrengstwaarde is gebaseerd op de extern dan wel intern uitgevoerde toetsing van de waardering van gronden ultimo boekjaar. Deze interne toetsing is gebaseerd op de kennis van de lokale markt alsmede van de lokale ontwikkelmogelijkheden (waaronder bestemmingswijzigingen, etc.).
8. Vorderingen
x € 1.000
| 2022 | 2021 | |
| Huurdebiteuren | ||
| Zittende huurders | 504 | 481 |
| Voorziening wegens oninbaarheid | -113 | -99 |
| 391 | 382 |
| 2022 | 2021 | |
| Vorderingen op gemeenten | ||
| Vorderingen gemeente | 57 | 3 |
| Bijdragen WMO | 1 | 3 |
| 58 | 6 |
x € 1.000
| 2022 | 2021 | |
| Vennootschapsbelasting | ||
| Vennootschapsbelasting voorgaande boekjaren | -898 | 1.992 |
| Vennootschapsbelasting huidig boekjaar | 1.852 | -1.635 |
| Latentie inzake Vestia-lening | 0 | 663 |
| 954 | 1.020 |
| Vennootschapsbelasting voorgaande boekjaren | -898 | 1.992 |
| Vennootschapsbelasting huidig boekjaar | 1.852 | -1.635 |
| Latentie inzake Vestia-lening | 0 | 663 |
| 954 | 1.020 | |
| Overige vorderingen | ||
| Vertrokken huurders | 460 | 458 |
| Voorziening wegens oninbaarheid | -425 | -428 |
| 35 | 30 |
| 2022 | 2021 | |
| Overlopende activa | ||
| Diversen (o.a. griffierechten) | 524 | 728 |
| Afwikkeling schades | 33 | 41 |
| 557 | 769 |
Onder de vorderingen zijn geen posten opgenomen met een resterende looptijd langer dan een jaar.
9. Liquide middelen
x € 1.000
| 2022 | 2021 | |
| ABN AMRO Bank N.V. | 0 | 207 |
| ING Bank N.V. rekening-courant | 9.390 | 2.712 |
| ING Bank N.V. spaarrekening | 497 | 499 |
| Rekening-courant SVN | 507 | 470 |
| ING Bank N.V. rekening-courant niet-DAEB | 46 | 46 |
| 10.440 | 3.935 |
Liquide middelen staan ter vrije beschikking.
Passiva
10. Eigen vermogen
x € 1.000
| 2022 | 2021 | |
| Herwaarderingsreserve | ||
| Stand per 1 januari | 351.453 | 321.818 |
| Resultaatbestemming voorgaand boekjaar | 73.193 | 31.713 |
| 424.646 | 353.531 | |
| Desinvesteringen | -1.321 | -2.078 |
| Stand per 31 december | 423.325 | 351.453 |
| Overige reserves | ||
| Stand per 1 januari | 417.349 | 382.447 |
| Resultaatbestemming voorgaand boekjaar | 19.383 | 32.824 |
| Stand per 1 januari | 436.732 | 415.271 |
| Mutatie herwaarderingsreserve | 1.321 | 2.078 |
| Stand per 31 december | 438.053 | 417.349 |
Desinvestering betreft het gerealiseerde deel van de herwaardering gedurende het boekjaar en bestaat uit realisatie uit verkoop € 573.000 (2021: € 1.452.000) realisatie uit sloop € 748.000 (2021: € 626.000).
Herwaardering betreft het positieve verschil tussen de marktwaarde van activa en de historische kostprijs en leidt tot een herwaarderingsreserve in het eigen vermogen. Wanneer er sprake is van een negatief verschil tussen de marktwaarde van activa en de historische kostprijs wordt dit ORT genoemd en komt ten laste van de overige reserve in het eigen vermogen.
Voor de toelichting inzake de resultaatbestemming verwijzen we naar hoofdstuk 10.1 Statutaire bepalingen inzake het resultaat.
11. Voorzieningen onrendabele investeringen en herstructureringen
x € 1.000
| Toekomstige investeringen in bestaande complexen | Toekomstige investeringen in nieuwbouw projecten | Totaal | |
| Stand per 1 januari 2022 | 0 | 1.136 | 1.136 |
| Mutaties in het boekjaar | |||
| Onttrekking | 0 | 0 | 0 |
| Toevoeging | 9.048 | 1.746 | 10.794 |
| Stand per 31 december 2022 | 9.048 | 2.882 | 11.930 |
12. Overige voorzieningen
x € 1.000
| 12. Overige voorzieningen | |
| Jubileum voorziening | |
| Stand per 1 januari 2022 | 427 |
| Mutaties in het boekjaar | |
| Onttrekking | 0 |
| Toevoegingen ten laste van het resultaat | 20 |
| Vrijval ten gunste van het resultaat | 0 |
| Stand per 31 december 2022 | 447 |
De jubileumvoorziening heeft betrekking op uitkeringen aan medewerkers op basis van de duur van het dienstverband. De voorziening betreft het geschatte bedrag van de in de toekomst uit te keren jubileumuitkeringen. Van de voorzieningen is een bedrag van € 310.000 (2021: € 304.000) als langlopend (langer dan een 5 jaar) aan te merken. Dit betreft een deel van de voorziening voor jubileumuitkeringen.
13. Langlopende schulden
x € 1.000
| Schulden aan banken | Schulden/ leningen overheid | |
| Stand per 1 januari 2022 | 327.334 | 169 |
| Mutaties in het boekjaar: | ||
| Nieuw opgenomen leningen | 17.500 | 0 |
| Vrijval agio Vestia lening | -116 | 0 |
| Aflossingen | -12.755 | -10 |
| Saldo | 331.963 | 159 |
| Af: Aflossingsverplichting komend jaar | -13.995 | -10 |
| Stand per 31 december 2022 | 317.968 | 149 |
| Looptijd van: | ||
| Tot 1 jaar | 13.336 | 0 |
| Tussen 1 en 5 jaar | 31.500 | 0 |
| Langer dan 5 jaar | 287.126 | 159 |
| Het schuldrestant van de leningenportefeuille bestaat uit de type leningen: | Schulden aan banken | Schulden/ leningen overheid |
| Vastrentende leningen | 269.942 | 159 |
| Variabel rentende leningen | 12.021 | 0 |
| Extended leningen | 0 | 0 |
| Basisrenteleningen | 50.000 | 0 |
| Stand per 31 december 2022 | 331.963 | 159 |
Per 31 december 2022 heeft Domesta een leningenportefeuille met een schuldrestant van € 332,1 miljoen. De marktwaarde van de leningenportefeuille bedraagt € 345,6 miljoen. Domesta beschikt over 4 variabele hoofdsomleningen van totaal € 20 miljoen. Van dit saldo is € 7 miljoen opgenomen en is de overige € 13 miljoen vrij op te nemen. De leningenportefeuille bestaat voor € 801.000 uit niet door het WSW geborgde financiering. Deze lening is verstrekt door de BNG Bank onder gemeentegarantie van de gemeente Hoogeveen.
Het gemiddelde rentepercentage van de leningenportefeuille, zonder het effect van afgeleide financiële rente-instrumenten, bedraagt 2,49% (2021: 2,43%).
Van de opgenomen vastrentende leningen is de gewogen gemiddelde rente 2,35%.
De basisrenteleningen hebben een rentetarief dat bestaat uit twee componenten, zijnde een basisrente en een liquiditeitsopslag. De basisrente geldt voor de volledige looptijd van de leningen. De liquiditeitsopslag geldt voor de overeengekomen periode, waarbij de eerste minimale looptijd 5 jaar bedraagt. Na 5 jaar dient een nieuwe liquiditeitsopslag met de bank overeengekomen te worden. De liquiditeitsopslag van de huidige basisrenteleningen bedraagt tussen 0,12% en 0,18%. Voor een overzicht van de renteherzieningsmomenten van de leningen wordt verwezen naar de risicoparagraaf Renterisico van de toelichting Financiële instrumenten. De variabel rentende leningen (zogeheten roll-over leningen) dragen een variabel rentepercentage op de 1-maands Euribor-notering met een gewogen gemiddelde opslag van 0,26%.
Het totaal van door het Waarborgfonds Sociale Woningbouw geborgde leningen bedraagt € 339,3 miljoen (2021: 332,5 miljoen).
Het agio ruillening Vestia is in de winst- en verliesrekening 2021 verantwoord als volkshuisvestelijke bijdrage onder de overige organisatiekosten. Het agio valt in 40 jaar (2022 tot en met 2061) volgens het amortisatieschema vrij ten gunste van de overige rentebaten en soortgelijke opbrengsten. De vrijval komend boekjaar is opgenomen onder de kortlopende schulden.
De ING bank heeft tevens een rekening-courantkrediet verstrekt. De kredietfaciliteit in rekening-courant bij de ING bedraagt per 31 december 2022 € 1,5 miljoen (2021: € 1,5 miljoen) en de rente Euribor plus 1,4 % (2021: 1,55%).
De gewogen gemiddelde looptijd van de leningenportefeuille bedraagt ultimo 2022 19 jaar (2021: 18,45 jaar).
14. Verplichtingen uit hoofde van onroerende zaken verkocht onder voorwaarden
x € 1.000
| Stand per 1 januari 2022 | 5.644 |
| Mutaties: | |
| Vermindering als gevolg van terugkoop/afkoop verplichting | -186 |
| Waardemutaties terugkoopverplichting | 399 |
| Stand per 31 december 2022 | 5.857 |
Domesta heeft ultimo 2022 uit hoofde van de regeling Verkoop onder voorwaarden een terugkoopverplichting voor 31 woningen (2021: 32 woningen). De terugkoopverplichting wordt jaarlijks gewaardeerd en getoetst aan de bij overdracht ontstane verplichtingen. Bij jaarlijkse toetsing van de terugkoopverplichting wordt rekening gehouden met de waardeontwikkeling van onroerende zaken en specifieke contractvoorwaarden met derden.
De waardeverandering van de huizen verkocht onder voorwaarden en terugkoopverplichting wordt jaarlijks in de winst- en verliesrekening verantwoord.
15. Overige schulden
x € 1.000
| Stand per 1 januari 2022 | 18 |
| Mutaties in het boekjaar: | |
| Ontvangen waarborgsommen | 10 |
| Terugbetaalde waarborgsommen | -8 |
| Stand per 31 december 2022 | 20 |
De waarborgsommen bestaan uit de ontvangen waarborgsommen uit hoofde van zakelijke huurovereenkomsten. De waarborgsommen hebben een looptijd langer dan 1 jaar.
16. Kortlopende schulden
x € 1.000
| Schulden aan overheid | 2022 | 2021 |
| Kortlopend deel langlopende schulden | 10 | 10 |
| Schulden aan banken | 2022 | 2021 |
| Kortlopend deel langlopende schulden | 13.995 | 10.871 |
| Schulden ter zake van belastingen, premies sociale verzekeringen en pensioenen | 2022 | 2021 |
| Omzetbelasting | 1.918 | 1.923 |
| Premies sociale verzekeringen | 227 | 219 |
| Pensioenen | 1 | 91 |
| 2.146 | 2.233 | |
| Overlopende passiva | 2022 | 2021 |
| Rente- en bankkosten | 3.904 | 4.149 |
| Vooruitontvangen huur | 621 | 655 |
| Overlopende onderhoudskosten | 684 | 384 |
| Overige overlopende passiva | 908 | 878 |
| 6.117 | 6.066 |
De kortlopende schulden hebben een looptijd korter dan 1 jaar.
Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen
Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen
Investeringsverplichtingen
x € 1.000
| 2022 | 2021 | |
| Herstructureringsprojecten | 0 | 400 |
| Nieuwbouw | 4.690 | 990 |
| Planmatig onderhoud | 960 | 1.026 |
| Onderhoud | 2.037 | 367 |
| 7.687 | 2.783 |
Obligoverplichting Waarborgfonds Sociale Woningbouw
Gebaseerd op artikel 18 van het Reglement van Deelneming van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) heeft Domesta een obligoverplichting naar het WSW. De verplichting is voorwaardelijk. Dit obligo is opeisbaar indien het totale risicovermogen van het WSW onder het garantieniveau (0,25% van het geborgd schuldrestant) daalt.
De obligoverplichting bestaat uit het jaarlijks obligo en het gecommitteerd obligo.
De maximale netto omvang van het jaarlijks obligo is vastgesteld op 0,25% van het schuldrestant per 31 december van het laatst verstreken kalenderjaar. Bij het huidige tarief van 25% vennootschapsbelasting resulteert dit in een maximale omvang van het jaarlijkse obligo van 0,3333% bruto. De jaarlijkse obligoheffing wordt verantwoord onder de rentelasten en soortgelijke kosten.
Wanneer het jaarlijks obligo onvoldoende is om het risicovermogen aan te vullen doet het WSW een beroep op het gecommitteerd obligo. Het gecommitteerd obligo stellen de deelnemers zeker door middel van een obligolening. De obligolening is een door het WSW geborgde variabele hoofdsomlening die deelnemer aangaat met een geldgever en waarvan na trekking de gelden rechtstreeks worden gestort op een daartoe aangewezen rekening van het WSW. De obligolening weegt voor de totale hoofdsom mee in de dekkingsratio en onderpandsratio van de deelnemer.
Jaarlijks stelt het WSW de omvang van het gecommitteerd obligo vast op basis van het schuldrestant per 31 december van het laatst verstreken kalenderjaar. Indien nodig verzoekt het WSW de deelnemer vervolgens om de hoogte van de obligolening hierop aan te passen.
Domesta heeft ultimo 2022 € 8,516 miljoen aan obligolening (met variabele hoofdsom) aangetrokken.
Bijdrageheffing kosten Autoriteit woningcorporaties
In artikel 61c van de Woningwet is bepaald dat Domesta moet betalen voor de kosten van de Autoriteit woningcorporaties. Hiertoe moet de Aw jaarlijks uiterlijk op 1 oktober bij Domesta een bijdrageheffing innen. Artikel 121 van het BTIV bevat de wettelijke grondslag voor de berekeningswijze en de procedure.
De bijdrageheffing Aw is een jaarlijks terugkerende heffing. De bijdrageheffing van de Aw kent een tarief voor alle woongelegenheden in eigendom van Domesta een tarief per € 1.000 WOZ-waarde op 31 december van het voorafgaande jaar.
Per saldo is de bijdrageheffing voor de kosten Aw 2022 vastgesteld op totaal € 12,5 miljoen. Dit totaalbedrag is verdeeld over alle corporaties op grond van de berekeningswijze in het Btiv 2015. Dit betekent voor Domesta een tarief van circa € 2,62 per woongelegenheid en circa € 0,013 per € 1.000 WOZ-waarde van de woongelegenheden in eigendom van Domesta.
Verhuurderheffing
De verhuurderheffing wordt berekend over de totale WOZ-waarde van de huurwoningen tot de huurtoeslaggrens, verminderd met 50x de gemiddelde WOZ-waarde van de woningen. Rijksmonumenten worden vrijgesteld van deze berekening. De WOZ-waarde per object was voor de berekening van de heffing 2022 gemaximeerd op € 345.000. Deze grens wordt jaarlijks geïndexeerd. Het tarief over 2022 bedraagt 0,332%. Dit was in 2021 nog 0,526%.
De verhuurderheffing is met ingang van 1 januari 2023 opgeheven.
Taakoverdracht
In maart 2023 nemen wij middels taakoverdracht 100 eenheden over van Woonzorg Nederland. Dit betreft het complex 'Weideheem' te Hoogeveen. De aankoopprijs is € 13,4 miljoen.
Intentieovereenkomst
Voor het project Anjerstraat Coevorden is een intentieovereenkomst aangegaan met de gemeente Coevorden over de grondaankoop en het bouwen van huizen op deze locatie.
Gebeurtenissen na balansdatum
Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum, anders dan de hierboven beschreven taakoverdracht.